Biografie van koningin Máxima

Koningin Máxima | Ons Vorstenhuis

Koningin Máxima wordt op 17 mei 1971 als Máxima Zorreguieta geboren in Buenos Aires (Argentinië). Zij is de dochter van de Jorge Horacio Zorreguieta en María del Carmen Cerruti de Zorreguieta. Koningin Máxima heeft twee broers, één zuster en drie halfzusters. Zij is opgegroeid in Buenos Aires. Koningin Máxima behaalt in 1988 haar baccalaureaat aan de Northlands School. In 1995 studeert ze af in de studierichting Economie aan de Katholieke Universiteit van Argentinië (Universidad Católica Argentina). Tijdens haar studie werkt zij van 1989 tot 1990 bij Mercado Abierto S.A., waar zij onderzoek doet naar op de financiële markt gerichte software.

Van 1992 tot 1995 werkt ze op het Sales Department van Boston Securities S.A. in Buenos Aires. Daarnaast geeft zij Engelse les aan kinderen en volwassenen en les in wiskunde aan middelbare scholieren en eerstejaars studenten. Van juli 1996 tot maart 1998 is Koningin Máxima werkzaam bij HSBC James Capel Inc. in New York als Vice-President Latin American Institutional Sales. Daarna werkt ze tot augustus 1999 bij Dresdner Kleinwort Benson. Ze is daar Vice-President bij de afdeling Emerging Markets, gespecialiseerd in Equities. Aansluitend werkt zij tot mei 2000 bij de Deutsche Bank in New York als Vice-President Institutional Sales. Vervolgens is ze tot april 2001 werkzaam op het EU Representative Office van de Deutsche Bank in Brussel.
Op 30 maart 2001 verlooft Máxima Zorreguieta zich met de Prins van Oranje. Op 17 mei 2001 wordt haar het Nederlanderschap verleend. Op 3 juli 2001 aanvaarden de Eerste en de Tweede Kamer een door de regering ingediend wetsvoorstel tot het verlenen van toestemming voor het huwelijk. Op 2 februari 2002 voltrekt de burgemeester van Amsterdam, mr. M.J. Cohen, het huwelijk in de Beurs van Berlage te Amsterdam. De kerkelijke inzegening vindt plaats in de Nieuwe Kerk, door dominee C.A. ter Linden. In het voorjaar van 2003 verhuist het paar van Noordeinde 66 in Den Haag naar de Eikenhorst op landgoed De Horsten in Wassenaar. Op 7 december 2003 wordt hun eerste kind geboren, Prinses Catharina-Amalia. Op 26 juni 2005 wordt hun tweede dochter, Prinses Alexia, geboren en op 10 april 2007 de derde dochter Prinses Ariane. Allen worden in het Bronovo Ziekenhuis in Den Haag geboren.

De Koningin is sinds 2003 voorzitter van het Curatorium van de Prins Claus Leerstoel. Deze wordt beurtelings bezet bij de Universiteit Utrecht en het Institute for Social Studies te Den Haag. De leerstoel is ingesteld ter bevordering van onderzoek en onderwijs op het gebied van ontwikkelingssamenwerking.

Koningin Máxima was van juli 2003 tot zomer 2005 lid van de Commissie Participatie van Vrouwen van Etnische Minderheden. De commissie ondersteunde de dertig grootste gemeenten bij hun poging om vrouwen van etnische minderheden meer te betrekken bij de samenleving. Voorzitter was oud-Tweede-Kamerlid P. Rosenmöller.
Koningin Máxima heeft sinds 20 oktober 2004 zitting in de Raad van State, het belangrijkste adviesorgaan van de regering. Koningin Máxima en de Prins van Oranje zijn beschermvrouwe en beschermheer van het Oranje Fonds. Het fonds zet zich in voor het maatschappelijk welzijn en de sociale cohesie in Nederland. Ieder jaar in mei reikt de Prinses Appeltjes van Oranje uit. Dit zijn prijzen voor instellingen die een voorbeeld zijn voor anderen op het gebied van welzijn en sociale samenhang.

Begin 2005 heeft Koningin Máxima haar inburgeringprogramma afgerond. Al sinds haar verloving maakt ze in het kader daarvan intensief kennis met de Nederlandse samenleving en met de samenleving van het Caribische deel van het Koninkrijk. Ook leert ze de Nederlandse taal, geschiedenis en het staatsrecht.

In 2009 is Koningin Máxima benoemd tot ‘Secretary-General’s Special Advocate for Inclusive Finance for Development’. De Koningin adviseert in deze functie de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties, en zet zich wereldwijd in om financiële diensten voor iedereen toegankelijk te maken. Dit draagt bij aan de ontwikkeling van met name de lage inkomensgroepen en de MKB-sector. In veel landen is het voor mensen of kleine ondernemingen niet gewoon om een bank- of spaarrekening te kunnen openen of bijvoorbeeld verzekeringen of leningen af te sluiten.
Sinds 1 september 2010 is Koningin Máxima erevoorzitter van het platform Wijzer in geldzaken. De Koningin vraagt in deze functie aandacht voor het belang van financiële educatie voor jongeren en basis- schoolleerlingen het verstandig omgaan met geld. Koningin Máxima treedt als speciaal adviseur op richting het platform en spreekt met belanghebbenden over de manier waarop financiële zelfredzaamheid kan worden vergroot.

Sinds juni 2011 is Koningin Máxima erevoorzitter van het G20 ‘Global Partnership for Financial Inclusion’. In deze functie versterkt de Koningin vooral de synergie tussen de VN en de G20 op het gebied van universele toegang tot financiële diensten en zet zij haar jarenlange ervaring in om inclusieve financiering wereldwijd verder op de kaart te zetten. Koningin Máxima is tevens lid van het Nederlands Comité voor Ondernemerschap en Financiering. Dit comité is in augustus 2011 opgericht als vervolg op de Raad voor Microfinanciering. In deze functie bevordert de Koningin ondernemerschap door te adviseren over coaching en het verstrekken van kleine leningen aan startende en bestaande ondernemers in Nederland. De Koningin was van 2007 tot 2011 lid van de Raad voor Microfinanciering.

Voorafgaand aan haar huidige VN-functie maakte Koningin Máxima op uitnodiging van de Verenigde Naties deel uit van de Groep van Adviseurs voor Het Internationale Jaar van het Microkrediet 2005. In juni 2006 nam Koningin Máxima zitting in de Adviseursgroep van de Verenigde Naties voor een Toegankelijke Financiële Sector. De Adviseursgroep bouwde voort op de resultaten van het Internationaal Jaar van het Microkrediet in 2005. De Koningin leverde een bijdrage door in dialoog te gaan met het bedrijfsleven, donoren, wetgevers, toezichthouders, micro- financieringsinstellingen en internationale organisaties over de rol die zij kunnen spelen om meer kleine ondernemers toegang te geven tot de financiële sector.